|
|
![]() |
||
Artikel 1Naam, vestigingsplaats en duur1. De vereniging draagt de naam: Schotse Herder Vrienden, en wordt in deze statuten aangeduid als "de vereniging". 2. Zij is gevestigd te Arnhem. 3. Zij is opgericht op één januari tweeduizend vier.
Artikel 2 Doel en middelen 1. De vereniging heeft ten doel: a. liefhebbers en vrienden van de Schotse Herdershond nader tot elkaar te brengen en het hebben, houden en fokken van dit ras in kwalitatieve zin te bevorderen; b. de bevordering van de gezondheid en het welzijn van de tot dit ras behorende honden in het algemeen en het voorkomen en bestrijden van erfelijke gebreken binnen dit ras in het bijzonder; c. de kenmerken van de Schotse Herdershond in het ras te bewaren; d. een positieve bijdrage te leveren aan het totaalbeeld van het ras, uitgaande van een positief fokbeleid, dat gericht is op zowel uiterlijk, gedrag, karakter en gezondheid. 2. Zij tracht dit doel te bereiken door: a. het geven van workshops, lezingen en cursussen voor zowel fokkers als liefhebbers; b. het organiseren van cursussen, examens en wedstrijden op het gebied van het werken met de Schotse Herdershond; c. het organiseren van een dag waarbij het uiterlijk centraal staat; d. het testen van de Schotse Herdershond op gedrag en karakter; e. het geven van voorlichting over de aankoop, het houden, fokken en opvoeden van de Schotse Herdershond; f. het opstellen van plannen ter bestrijding van erfelijke gebreken binnen het ras en het treffen van maatregelen ter uitvoering van die plannen; g. het bevorderen en opnemen van Schotse Herdershonden en hun nakomelingen in de Nederlandse Hondenstamboekhouding; h. het bijhouden van een register van raszuivere Schotse Herdershonden; i. het registreren van uitslagen van onderzoeken van Schotse Herdershonden betreffende de aanwezigheid van erfelijk bepaalde afwijkingen alsmede van de mogelijkheid van het doorgeven van de aanleg daarvoor aan nakomelingen, een en ander met het doel, ten behoeve van een verantwoorde fokkerij van Schotse Herdershonden, gegevens uit deze registratie aan derden te verstrekken en te publiceren; j. het uitgeven van een verenigingsblad of periodiek en het bijhouden van een website; k. het deelnemen aan het overleg binnen de kynologie; l. al hetgeen verder aan het doel dienstbaar kan zijn, een en ander voor zover daarbij niet wordt gehandeld in strijd met de statuten en reglementen van de vereniging.
Artikel 3 VerenigingsjaarHet verenigingsjaar valt samen met het kalenderjaar.Artikel 4Leden1. De leden van de vereniging worden onderscheiden in gewone leden en buitengewone leden. 2. Gewone leden hebben alle rechten en plichten die de wet en deze statuten aan leden toekennen onderscheidenlijk opleggen. Buitengewone leden hebben deze rechten en plichten slechts voor zover deze statuten niet anders bepalen.
Artikel 5 Gewone leden 1 . De gewone leden van de vereniging worden onderscheiden in: a. algemene leden; b. ereleden. 2. Algemene leden zijn natuurlijke personen, die als zodanig zijn toegelaten. 3. Ereleden zijn zij die zich buitengewoon verdienstelijk hebben gemaakt voor de vereniging en worden door de Algemene Vergadering benoemd.
Artikel 6 Buitengewone leden 1. De buitengewone leden van de vereniging zijn gezinsleden. Gezinsleden ontvangen geen verenigingsblad en betalen een verminderde contributie. 2. Gezinsleden zijn zij die met een lid zijn getrouwd of daarmee duurzaam samenleven en die als zodanig zijn toegelaten. 3. Een gezinslid wordt van rechtswege algemeen lid met ingang van het verenigingsjaar volgende op het jaar waarin zijn of haar partner ophoudt lid te zijn. Indien de relatie met deze partner wordt ontbonden, kan het bestuur al dan niet op verzoek het gezinslidmaatschap omzetten in een algemeen lidmaatschap. 4. Gezinsleden zijn ook leden die nog niet de leeftijd van achttien jaar hebben bereikt en waarvan één van beide ouders lid is.
Artikel 7 Ereleden 1. Ereleden worden door de Algemene Vergadering op schriftelijk voorstel van ten minste tien stemgerechtigde leden benoemd met een meerderheid van ten minste twee/derde van de uitgebrachte stemmen. Zij betalen geen contributie. 2. Indien een algemeen lid of buitengewoon lid tot erelid wordt benoemd, houdt hij met ingang van de dag volgende op de aanvaarding van zijn benoeming op algemeen lid of buitengewoon lid te zijn.
Artikel 8 Toelating van leden Algemene leden en buitengewone leden worden toegelaten nadat zij zich als zodanig schriftelijk hebben aangemeld en de verschuldigde contributie is ontvangen en het bestuur de aanmelding heeft goedgekeurd.
Artikel 9 Aanvang van het lidmaatschap 1. Het lidmaatschap van algemene leden en buitengewone leden vangt onverminderd het bepaalde in artikel 6, vierde lid, aan met de dag volgende op hun toelating. 2. Het lidmaatschap van ereleden vangt aan met de dag volgende op de aanvaarding van hun benoeming.
Artikel 10 Einde van het lidmaatschap 1. Het lidmaatschap eindigt: a. door het overlijden van het lid; b. door opzegging door het lid; c. door opzegging door de vereniging; d. door ontzetting. 2. Opzegging van het lidmaatschap door het lid kan slechts geschieden tegen het einde van het verenigingsjaar. Zij geschiedt door een schriftelijke kennisgeving, welke voor de eerste december van het lopende verenigingsjaar in het bezit van de ledenadministratie moet zijn. Deze is verplicht de ontvangst binnen twee weken schriftelijk te bevestigen. Indien een opzegging niet tijdig heeft plaatsgehad loopt het lidmaatschap door tot het einde van het eerstvolgende verenigingsjaar, tenzij het bestuur anders besluit of van het lid redelijkerwijs niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren. 3. Opzegging van het lidmaatschap door de vereniging kan gedurende het lopende verenigingsjaar geschieden door het bestuur met in achtneming van een opzeggingstermijn van tenminste vier weken, wanneer het lid, na daartoe schriftelijk te zijn aangemaand, op de eerste december niet ten volle aan zijn geldelijke verplichtingen jegens de vereniging heeft voldaan alsmede wanneer het lid heeft opgehouden te voldoen aan de vereisten welke te enige tijd door de statuten voor het lidmaatschap gesteld mochten worden. De opzegging door het bestuur kan onmiddellijke beëindiging van het lidmaatschap tot gevolg hebben, wanneer redelijkerwijs van de vereniging niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren. De opzegging geschiedt steeds schriftelijk met opgaaf van de reden(en). 4. Ontzetting uit het lidmaatschap kan alleen worden uitgesproken wanneer een lid in strijd met de statuten, reglementen of besluiten van de vereniging handelt of de vereniging op onredelijke wijze benadeelt. De ontzetting geschiedt door het bestuur, dat het betrokken lid onverwijld van het besluit, met opgaaf van reden(en), in kennis stelt. De betrokkene is bevoegd binnen één maand na ontvangst van de kennisgeving in beroep te gaan bij de Algemene Vergadering. Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is het lid geschorst. Het besluit van de Algemene Vergadering tot ontzetting zal moeten worden genomen met tenminste tweederde van het aantal uitgebrachte geldige stemmen. 5. Wanneer het lidmaatschap in de loop van het verenigingsjaar, ongeacht de reden of oorzaak, eindigt, blijft desniettemin de jaarlijkse bijdrage voor het geheel door het lid verschuldigd, tenzij het bestuur anders besluit.
Artikel 11 Overige sancties 1. Onverminderd het bepaalde in artikel 10, vierde lid kan een lid door het bestuur voor de duur van maximaal een half jaar worden geschorst in die het lid heeft gehandeld in strijd met de statuten, reglementen of daarop gebaseerde besluiten van de vereniging dan wel de vereniging op onredelijke wijze heeft benadeeld. 2. Het lid bedoeld in het eerste lid kan na de schorsing nimmer een bestuursfunctie vervullen.
Artikel 12 Geldmiddelen 1. De geldmiddelen van de vereniging kunnen onder andere worden gevormd door: a. contributies van leden; b. cursusgelden; c. donaties en sponsorgelden; d. inschrijfgelden en entreegelden voor evenementen; e. schenkingen, legaten en erfstellingen; f. overige baten. 2. Ieder lid, met uitzondering van de ereleden, betaalt een contributie, waarvan het bedrag jaarlijks door de Algemene Vergadering tijdens de jaarvergadering wordt vastgesteld voor het daaropvolgende verenigingsjaar. 3. Het bedrag van de contributie van gezinsleden wordt bepaald op een gedeelte van de contributie van algemene leden. 4. Erfstellingen mogen slechts worden aanvaard onder voorrecht van boedelbeschrijving.
Artikel 13 Organen De vereniging kent: a. een bestuur b. een Algemene Vergadering c. een kascommissie
Artikel 14 Samenstelling Bestuur 1. Het bestuur bestaat uit tenminste vijf personen. Het aantal bestuurders wordt vastgesteld door de Algemene Vergadering. Indien het aantal bestuurders is gedaald beneden het minimum, blijft het bestuur toch bevoegd zolang tenminste drie bestuursleden in functie zijn. Het bestuur is verplicht te bevorderen dat het bestuur zo spoedig mogelijk weer overeenkomstig deze statuten is samengesteld. De bestuursleden worden door de Algemene Vergadering uit de algemene leden, de ereleden en de gezinsleden benoemd. Voor een besluit tot benoeming van een bestuurder is een meerderheid vereist van tenminste twee/derde van de geldig uitgebrachte stemmen. 2. De bestuurders worden op voorstel van het bestuur, of op voorstel van tenminste vijf leden, door de Algemene Vergadering uit de leden van de vereniging benoemd. 3. De voorzitter wordt steeds als zodanig door de Algemene Vergadering benoemd. 4. Het bestuur wijst uit zijn midden een secretaris en een penningmeester aan, voorziet in de vervanging van de voorzitter, de secretaris en d penningmeester in geval van verhindering of ontstentenis en verdeeld ook de overige werkzaamheden over zijn leden. 5. De functies van voorzitter, secretaris en penningmeester zijn onverenigbaar. 6. Op vervanging in geval van verhindering of ontstentenis is het bepaalde in het vijfde lid van toepassing. 7. De Algemene Vergadering kan een bestuurslid schorsen of ontslaan. Voor een besluit daartoe is een meerderheid vereist van tenminste twee/derde van de geldig uitgebrachte stemmen.
Artikel 15 Voordrachten 1. De benoeming van bestuursleden geschiedt uit één of meer niet bindende voordrachten, behoudens het bepaalde in het zesde lid. 2. Iedere voordracht heeft op één bepaalde vacature betrekking en vermeldt de naam van degenen, door wiens aftreden de vacature wordt veroorzaakt. Iedere voordracht vermeldt voorts de naam van tenminste één kandidaat. 3. Tot het maken van een voordracht zijn zowel het bestuur als vijf stemgerechtigde leden bevoegd. 4. Een voordracht van het bestuur wordt bij de oproeping voor de vergadering medegedeeld. Een voordracht van vijf of meer stemgerechtigde leden moet ten minste één week voor de vergadering schriftelijk bij het bestuur worden ingediend. 5. Is er voor een bepaalde vacature meer dan één voordracht, dan geschiedt de benoeming uit die voordrachten. 6. Is er voor een bepaalde vacature geen voordracht opgemaakt, dan is de Algemene Vergadering voor de vervulling van die vacature vrij in haar keus.
Artikel 16 Einde bestuurslidmaatschap 1. Het bestuurslidmaatschap eindigt: a. door het eindigen van het lidmaatschap van de vereniging; b. door periodieke aftreding; c. door bedanken; d. door ontslag; e. door overlijden. 2. Het bestuurslidmaatschap eindigt in het geval, bedoeld in het eerste lid onder b., aan het einde van de in artikel 17, eerste lid, bedoelde Algemene Vergadering. In het geval, bedoeld in het eerste lid onder c., eindigt het bestuurslidmaatschap op het door het bedankende bestuurslid genoemde tijdstip. In alle overige gevallen eindigt het met onmiddellijke ingang. Artikel 17Periodieke aftreding1. Ieder jaar treden op de jaarlijkse Algemene Vergadering twee of drie bestuursleden af volgens een door het bestuur op te maken en zo nodig te wijzigen rooster. 2. Dit rooster wordt zodanig opgemaakt, dat: a. ieder bestuurslid uiterlijk drie jaar na zijn benoeming aftreedt, waarbij onder een jaar wordt verstaan de periode tussen twee opeenvolgende jaarlijkse Algemene Vergaderingen; b. de voorzitter, de secretaris en de penningmeester nimmer gelijktijdig mogen aftreden; c. zij die in een tussentijdse vacature zijn benoemd, zo mogelijk op het rooster de plaats van hun voorganger innemen. 3. Volgens rooster aftredende bestuursleden kunnen voor maximaal één extra termijn, terstond worden herbenoemd. 4. Als de onder lid drie genoemde vacature niet vervuld kan worden door de Algemene Vergadering, dan kan de desbetreffende bestuurslid voor nogmaals één termijn worden herbenoemd.
Artikel 18 Schorsing en ontslag 1. Elk bestuurslid kan te allen tijde door de Algemene Vergadering worden ontslagen of geschorst. 2. Een schorsing die niet binnen drie maanden wordt gevolgd door een besluit tot ontslag, eindigt door het verloop van die termijn.
Artikel 19 Vervulling tussentijdse vacatures Het bestuur is verplicht, de vervulling van de open plaats of de open plaatsen voor de eerstvolgende Algemene Vergadering te agenderen. Zodra echter het aantal zitting hebbende bestuursleden minder bedraagt dan het aantal vacatures, is het bestuur verplicht zo spoedig mogelijk een Algemene Vergadering ter voorziening in die vacatures te beleggen.
Artikel 20 Taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden van bestuurders 1. Behoudens de beperkingen van de statuten is het bestuur belast met het besturen van de vereniging. Het richt zich daarbij naar de aanwijzingen betreffende de algemene lijnen van het te volgen beleid, zoals die door de Algemene Vergadering in de begroting of op andere wijze worden gegeven. 2. Het bestuur is, mits met voorafgaande goedkeuring van de Algemene Vergadering, bevoegd tot: a. het sluiten van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding en bezwaren van registergoederen; b. het huren of verhuren van registergoederen; c. het aangaan van geldleningen; d. het aannemen en/of ontslaan van personeel e. het aangaan van verbintenissen –voorzover niet onder één der vorige letters vallende - waarvan het belang of de waarde voor de vereniging een bedrag van vijfhonderd euro (€ 500) te boven gaat. 3. Ieder lid van het bestuur is tegenover de vereniging gehouden tot een behoorlijke vervulling van de hem opgedragen taak.
Artikel 21 Besluitvorming bestuur 1. Alle besluiten worden door het bestuur genomen met volstrekte meerderheid van de uitgebrachte stemmen. Bij staking van stemmen wordt de zaak tot de volgende vergadering aan gehouden. 2. Om te kunnen besluiten moet ten minste de helft van het aantal bestuursleden, eventuele vacatures niet meegerekend aanwezig zijn, tenzij het zaken betreft die geen uitstel gedogen.
Artikel 22 Mandatering en delegatie van bestuurstaken en –bevoegdheden 1. Het bestuur kan de uitvoering onderscheidenlijk uitoefening van bepaalde taken en bevoegdheden mandateren aan één of meer van zijn leden. Het bestuur kan daarbij met betrekking tot deze uitvoering en uitoefening richtlijnen en aanwijzingen geven. 2. Het bestuur kan de uitvoering onderscheidenlijk uitoefening van bepaalde taken en bevoegdheden delegeren aan een door het bestuur ingestelde commissie. Het bestuur kan daarbij met betrekking tot deze uitvoering en uitoefening richtlijnen geven. In een dergelijke commissie zal ten allen tijde een vertegenwoordiger vanuit het bestuur zitting nemen. 3. De richtlijnen en aanwijzingen mogen niet in strijd zijn met de wet, met deze statuten of met een reglement als bedoeld in artikel 37. 4. Bij mandatering aan één of meer bestuursleden wordt steeds in de eerstvolgende bestuursvergaderingen verslag uitgebracht van hetgeen is verricht.
Artikel 23Vertegenwoordiging1. De bevoegdheid om de vereniging in en buiten rechte te vertegenwoordigen, komt toe aan twee bestuursleden, gezamenlijk handelend.Artikel 24Begroting1. Het bestuur legt jaarlijks aan de Algemene Vergadering een begroting van inkomsten en uitgaven ter vaststelling voor, op een zodanig tijdstip, dat deze begroting behandeld kan worden vóór de aanvang van het betreffende verenigingsjaar of uiterlijk op de in dat jaar te houden jaarlijkse Algemene Vergadering. 2. De ontwerpbegroting wordt aan de stemgerechtigde leden ten minste twee weken vóór de Algemene Vergadering toegezonden, al dan niet door publicatie in het verenigingsblad.
Artikel 25 Jaarverslag 1. Het bestuur brengt jaarlijks een schriftelijk jaarverslag uit over de gang van zaken in de vereniging en over het gevoerde beleid in het afgelopen verenigingsjaar. Dit verslag wordt uitgebracht op een zodanig tijdstip, dat het behandeld kan worden op de eerste jaarlijkse Algemene Vergadering na afloop van dat verenigingsjaar. 2. Het jaarverslag wordt door alle leden van het bestuur ondertekend. Ontbreekt de ondertekening van een of meer hunner, dan wordt daarvan onder opgave van redenen melding gemaakt. 3. Artikel 24, tweede lid, is van overeenkomstige toepassing.
Artikel 26 Boekhouding 1. Het bestuur houdt van de vermogenstoestand van de vereniging zodanige aantekeningen, dat daaruit te allen tijde haar rechten en verplichtingen kunnen worden gekend. 2. Het bestuur bewaart de in het eerste lid bedoelde bescheiden gedurende zeven jaar.
Artikel 27 Rekening en verantwoording 1. Het bestuur maakt jaarlijks een balans en een staat van de baten en de lasten van de vereniging over het afgelopen verenigingsjaar op en legt deze met een toelichting ter goedkeuring aan de Algemene Vergadering over op een zodanig tijdstip, dat zij behandeld kunnen worden op de eerste Algemene Vergadering na afloop van dat verenigingsjaar. 2. Artikel 24, tweede lid en artikel 25, tweede lid, zijn van overeenkomstige toepassing. 3. Goedkeuring van de balans en de staat van baten en lasten door de Algemene Vergadering strekt het bestuur tot décharge voor al hetgeen daaruit blijkt. 4. Artikel 26, tweede lid, is van toepassing.
Artikel 28 Kascommissie 1. De Algemene Vergadering benoemt jaarlijks uit de stemgerechtigde leden een kascommissie van ten minste twee leden. Tegelijkertijd worden zo mogelijk ten minste twee plaatsvervangende leden benoemd, die de leden bij ontstentenis vervangen. De leden en de plaatsvervangende leden mogen geen deel van het bestuur uitmaken. Aftredende leden kunnen terstond worden herbenoemd, tenzij zij reeds drie jaar zitting hebben. 2. De kascommissie onderzoekt de balans en de staat van baten en lasten en brengt de Algemene Vergadering schriftelijk of mondeling verslag van haar bevindingen uit. 3. Het bestuur stelt de kascommissie in staat, haar onderzoek tijdig voor de Algemene Vergadering te verrichten en is verplicht aan deze commissie alle door haar gewenste inlichtingen te verschaffen, haar desgewenst de kas en de waarden te tonen en inzage van de boeken en bescheiden van de vereniging te geven. 4. Indien het onderzoek bijzondere boekhoudkundige kennis vereist, dan kan de commissie zich op kosten van de vereniging door een deskundige doen bijstaan. 5. De leden van de kascommissie kunnen te alle tijde door de Algemene Vergadering worden ontslagen, maar slechts tegelijk met de benoeming van andere leden.
Artikel 29 De Algemene Vergadering 1. Aan de Algemene Vergadering komen in de vergadering alle bevoegdheden toe, die niet door de wet of de statuten aan andere organen zijn opgedragen. 2. Binnen zes maanden na afloop van het voorafgaande verenigingsjaar wordt een Algemene Vergadering gehouden. In deze jaarlijkse Algemene Vergadering komen in ieder geval aan de orde: a. het jaarverslag, bedoeld in artikel 25; b. de balans en de staat van baten en lasten, bedoeld in artikel 27; c. het verslag van de kascommissie, bedoeld in artikel 28; d. de benoeming van een kascommissie voor het onderzoek van de balans en de staat van baten en lasten over het lopende verenigingsjaar; e. de begroting, bedoeld in artikel 24, tenzij deze al is vastgesteld; f. de voorziening in bestuursvacatures. 3. Andere Algemene Vergaderingen worden gehouden zo dikwijls het bestuur dat wenselijk acht of tenminste vijf stemgerechtigde leden dan wel, indien dat minder is, ten minste een tiende deel der stemgerechtigde leden dat schriftelijk verzoeken. Bij het verzoek worden de te behandelen onderwerpen, die op de agenda moeten worden vermeld, duidelijk aangegeven. 4. Schriftelijke voorstellen aan de Algemene Vergadering worden op de agenda van de eerstvolgende Algemene Vergadering vermeld indien zij vóór één april voorafgaande aan de Algemene Vergadering bij het bestuur zijn ingediend. Zij worden met een preadvies van het bestuur ten minste twee weken vóór de Algemene Vergadering aan de leden toegezonden, al dan niet door publicatie in het verenigingsblad.
Artikel 30 Bijeenroeping 1. De Algemene Vergaderingen worden bijeengeroepen door het bestuur, met inachtneming van een termijn van twee weken. 2. De bijeenroeping geschiedt door een aan alle leden te zenden schriftelijke mededeling met agenda, die desgewenst in het verenigingsblad kan worden opgenomen. 3. De agenda vermeldt plaats, datum en aanvangstijdstip van de vergadering, alsmede de te behandelen agendapunten. 4. Indien ingevolge artikel 29, derde lid, op verzoek van een aantal leden een Algemene Vergadering moet worden gehouden, is het bestuur verplicht die vergadering uit te schrijven binnen twee weken na ontvangst van het verzoek en op een termijn niet langer dan zes weken na indiening van het verzoek. Indien hieraan geen gevolg wordt gegeven kunnen de verzoekers zelf tot bijeenroeping overgaan overeenkomstig het tweede lid van dit artikel.
Artikel 31 Toegang en stemrecht 1. Alle leden, die de leeftijd van achttien jaar hebben bereikt, met uitzondering van geschorste leden, behoudens het bepaalde in artikel 10, vierde lid, hebben toegang tot de Algemene Vergadering en stemrecht. 2. Over toelating van andere dan de in het eerste lid bedoelde personen beslist het bestuur. 3. Ieder stemgerechtigd lid kan ter vergadering het woord voeren, voorstellen doen en amendementen indienen, behoudens de beperkingen die bij huishoudelijk reglement aan de uitoefening van deze rechten worden gesteld.
Artikel 32 Voorzitterschap en notulering 1. De Algemene Vergadering worden geleid door de voorzitter. Bij zijn afwezigheid of ontstentenis zal een ander bestuurslid als voorzitter optreden. 2. Van het verhandelde in een Algemene Vergadering worden door de secretaris of door een door de voorzitter aangewezen lid van de vereniging notulen opgemaakt. 3. De ontwerpnotulen worden, door publicatie in het verenigingsblad of op andere wijze, zo spoedig mogelijk ter kennis van de stemgerechtigde leden gebracht. Zij worden in de eerstvolgende Algemene Vergadering, eventueel gewijzigd, vastgesteld en door de voorzitter en de secretaris ondertekend. De eventueel door de Algemene Vergadering aangebrachte wijzigingen worden tevens opgenomen in de notulen van de vergadering waarin tot deze wijzigingen werd besloten.
Artikel 33 Besluitvorming1. Voorzover de wet of de statuten niet anders bepalen, worden alle besluiten van de Algemene Vergadering genomen met volstrekte meerderheid van de uitgebrachte stemmen. 2. Blanco stemmen en ongeldige stemmen worden geacht niet te zijn uitgebracht. 3. Alle stemmingen over de aanwijzing of benoeming van personen geschieden schriftelijk. Alle overige stemmingen geschieden mondeling, tenzij de voorzitter schriftelijk stemming gewenst acht of ten minste vijf stemgerechtigde leden dat vóór de stemming verlangen. Een schriftelijke stemming geschiedt met ongetekende briefjes. 4. Indien niemand hoofdelijke stemming verlangt wordt het besluit bij acclamatie genomen. 5. Indien mondelinge stemming moet plaatsvinden, dan kan de voorzitter besluiten tot stemming bij handopsteken, tenzij één der stemgerechtigde leden stemming bij hoofdelijke oproeping verlangt. Ook kan de voorzitter alsnog tot stemming bij hoofdelijke oproeping besluiten, indien hij bij de stemming bij handopsteking de uitslag der stemming niet kan vaststellen. 6. Indien schriftelijke stemmingen over verschillende aanwijzingen, benoemingen of zaken moeten plaatsvinden, dan kunnen deze stemmingen gecombineerd worden mits de stembriefjes zodanig zijn ingericht, dat verwarring redelijkerwijs niet mogelijk is. Eventueel moeten afzonderlijke stemmingen worden gehouden indien tenminste vijf stemgerechtigde leden dat verlangen. 7. Indien de stemmen staken over een voorstel niet rakende de benoeming of aanwijzing van personen, dan is het voorstel verworpen.
Artikel 34 Stemmingen over personen 1. Indien bij een aanwijzing of benoeming van een persoon niemand de volstrekte meerderheid heeft gekregen, dan heeft een tweede stemming plaats, tenzij tussen twee personen is gestemd. 2. Heeft dan wederom niemand de volstrekte meerderheid verkregen, dan vinden herstemmingen plaats totdat hetzij één persoon de volstrekte meerderheid heeft verkregen, hetzij tussen twee personen is gestemd en de stemmen staken. 3. Bij de in het tweede lid bedoelde herstemmingen wordt telkens gestemd tussen de personen op wie bij de voorafgaande stemmingen kon worden gestemd, met uitzondering van de persoon op wie bij die voorafgaande stemming de minste stemmen zijn uitgebracht. Zijn bij die stemming de minste stemmen op meer dan één persoon uitgebracht, dan wordt door loting uitgemaakt op wie van die personen bij de volgende stemming geen stemmen meer kunnen worden uitgebracht. 4. Indien bij een stemming tussen twee personen de stemmen staken, dan beslist het lot wie van beiden is aangewezen of benoemd.
Artikel 35 Vaststelling besluitvorming 1. Het in de Algemene Vergadering uitgesproken oordeel door de voorzitter over de uitslag van een stemming is beslissend. Hetzelfde geldt voor de inhoud van een genomen besluit, voor zover werd gestemd over een niet schriftelijk vastgelegd voorstel. 2. Wordt echter onmiddellijk na het uitspreken van het in het eerste lid bedoelde oordeel van de voorzitter de juistheid daarvan betwist, dan vindt een nieuwe stemming plaats, indien de meerderheid der vergadering of, indien de oorspronkelijke stemming niet hoofdelijk of schriftelijk geschiedde, een stemgerechtigd lid dit verlangt. Door deze nieuwe stemming vervallen de rechtsgevolgen van de oorspronkelijke stemming.
Artikel 36 Reglementen 1. De Algemene Vergadering kan een huishoudelijk reglement en andere reglementen vaststellen, waarvan de bepalingen niet in strijd mogen zijn met en niet mogen afwijken van de wet, ook waar die geen dwingend recht bevat, of van deze statuten. 2. De Algemene Vergadering kan een reglement te alle tijden wijzigen, mits aan de in statuten en huishoudelijk reglement gestelde eisen voor de besluitvorming en de voorbereiding daarvan is voldaan. Ook de Algemene Vergadering kan echter geen besluiten nemen in strijd met een reglement.
Artikel 37 Aansprakelijkheid De vereniging is tegenover haar leden niet aansprakelijk voor enige schade, ontstaan tijdens vanwege de vereniging georganiseerde bijeenkomsten, cursussen of evenementen van welke aard ook, en evenmin voor enige schade ten gevolge van door de vereniging verleende adviezen of door welke andere oorzaak dan ook.
Artikel 38 Statutenwijziging 1. Deze statuten kunnen, onverminderd het bepaalde in de volgende leden, slechts worden gewijzigd bij een met ten minste twee/derde van de uitgebrachte stemmen genomen besluit van de Algemene Vergadering 2. Een afschrift van een voorstel tot statutenwijziging, waarin de voorgestelde wijziging woordelijk is opgenomen, wordt ten minste twee weken voor de vergadering door hen die de oproeping tot de vergadering hebben gedaan, hetzij tegelijk met de in artikel 31 bedoelde agenda aan alle leden toegezonden, hetzij door publicatie in het verenigingsblad. 3. Amendementen op het voorstel tot statutenwijziging moeten uiterlijk twee weken voor de vergadering schriftelijk bij het bestuur worden ingediend. Indien het voorstel tot statutenwijziging aan alle leden is toegezonden, worden ook de ingediende amendementen zo spoedig mogelijk na het verstrijken van de indieningtermijn aan alle leden toegezonden. Indien het voorstel tot statutenwijziging alleen is toegezonden aan de leden die daarom hebben verzocht, dan worden ook de ingediende amendementen alleen aan deze leden toegezonden.
Artikel 39 Ontbinding 1. De vereniging kan worden ontbonden door een besluit van de Algemene Vergadering. Het bepaalde in lid 1 van artikel 38 is van overeenkomstige toepassing. 2. De vereniging blijft na haar ontbinding voortbestaan voor zover dit tot vereffening van haar vermogen nodig is. In stukken en aankondigingen, die van haar uitgaan, moet aan haar naam worden toegevoegd: in liquidatie. 3. Indien als gevolg van een besluit van de Algemene Vergadering de vereniging is ontbonden, treden de bestuurders als vereffenaars van het vermogen van de ontbonden vereniging op. Op deze vereffenaars zijn de statutaire en wettelijke bepalingen omtrent de benoeming, de schorsing en het ontslag van bestuurders van overeenkomstige toepassing. Een vereffenaar heeft dezelfde bevoegdheden, plichten en aansprakelijkheid als een bestuurder, voor zover deze verenigbaar zijn met zijn taak als vereffenaar. 4. De Algemene Vergadering bepaalt bij het nemen van het besluit tot ontbinding de bestemming van een batig saldo, zo dit er is. Het bepaalde in artikel 38, lid 1 is op het besluit als bedoeld in de vorige zin van overeenkomstige toepassing. 5. Na afloop van de vereffening blijven de boeken en bescheiden van de ontbonden vereniging gedurende zeven jaren berusten onder de (rechts)persoon, daartoe door de vereffenaars benoemd.
|
|||